Reisdagboek van Sasjo en Thea

October 20, 2018

1/18

 

 

Reisdagboek Spanje, 2-16 september 2018

Wij, Sasjo en Thea, hebben een rondreis van twee weken gemaakt met camper Tarifa van GoSpain, door zuidwest Spanje. We wilden in ieder geval wat cultuur en historie doen, maar zeker ook een aantal natuur/wandeldagen inplannen. Het is niet ons eerste bezoek aan dit gebied, maar wel de eerste keer dat we dit met een camper deden in plaats van met een tent. Dit is een reisverslag per dag.

Zondag 2 september
We komen in Malaga aan met onze kleine koffers - alleen handbagage mee - en Karin van GoSpain haalt ons op van de luchthaven. Handig! Onderweg naar de finca in Alhaurin de la Torre vertelt ze al een en ander, over de route, waar we op moeten letten, etc. We voelen ons helemaal welkom, en Karin is erg geduldig en gastvrij. Na de uitgebreide uitleg over de ins en outs van camper Tarifa, een drankje (het is 36 graden) en een proefrondje met Karin naast Sasjo, vertrekken we. We gebruiken geen navigatiesysteem, we zijn ouderwets. We rijden met een gedetailleerde Michelin toeristische wegenatlas en de kaart die in de camper ligt.

Eerste doel is Ronda. We nemen de kortste route, prachtig binnendoor, via de A-404 naar Coín, dan de A-366 naar Ronda. Een pas over,
de Puerto de las Abejas en dan na El
Burgo even stoppen bij de Mirador del

Guarda Forestal. Mooi uitzichtpunt en plaats genoeg om de camper even aan de kant te zetten. Door over de pas genaamd Puerto del Viento. Het lijkt dichtbij, maarop zo’n slingerroute ga je met een camper ook niet snel. Geeft niks, 90 km is niet heel ver en het is heerlijk rustig op de weg. Het is erg warm, blij dat we airco hebben in de cabine! Bij Ronda neem je eerst even richting San Pedro de Alcantara en vervolgens even richting Algeciras en dan kom je bij camping El Sur. Heel rustig (radio, tv, andere herrie allemaal verboden!), aardige Nederlands- sprekende jongedame aan de receptie. Je krijgt een terrasdeel aangewezen om te staan, prachtig douche- en toiletgebouw, stroomaansluiting aanwezig op alle plekken. Brood voor de volgende ochtend is te bestellen en kan bij de receptie afgehaald worden. We settelen ons en lopen vroeg in de avond naar de stad om nog foto's te kunnen maken van het prachtige gele licht en het uitzicht op en over de brug. Vanaf de camping is het afhankelijk van je tempo 20-30 minuten lopen naar de stad. Een drankje op een terrasje en we zijn weer terug op de

1

camping als het net helemaal donker is. De kampwinkel is wel heel beperkt, maar met het lekkers dat Karin al in de koelkast had meegegeven, wordt het toch een lekker avondmaal. Weinig gasten op de camping, heerlijk weer, stil, geen wind. Vanwege dat laatste wel warm om te slapen, maar daarbij bewees de ventilator in het dak dan weer dienst, om een beetje wind te creëren in de camper.

Maandag 3 september
De camper is goed en ook volledig qua uitrusting. We vinden de reis nu al een succes! We lopen na het ontbijt weer naar de stad. Je kan goede foto’s maken als je het pad neemt dat de kloof ingaat. Dan heb je vanaf een aantal uitkijkpunten heel mooi zicht op de beroemde 'nieuwe' brug die de verbinding maakt tussen het vroegere islamitische stadsdeel en de rest van Ronda. De andere uitkijkpunten geven ook prachtige opties voor foto’s. Aan de overkant van de brug kun je ook naar beneden, over keuriggerestaureerde terrassen, naar de oude
Arabische brug en de baños arabes. Je kunt ook buitenlangs een stuk van de stadsmuur (muralla) lopen. Dit staat met
bordjes (Spaans en Engels) aangegeven. We hoeven pas om 13.30 uit te checkenvan de camping en dat doen we dan ook. Onze route gaat verder richting Mérida,maar daar willen we niet in één dag naartoe rijden. Wel willen we graag
voorbij Sevilla geraken. Op de kaart zien we een campingaanduiding bij eenstuwmeer (embalse) niet ver boven
Sevilla, dus dat wordt het doel. VanafRonda de A374 richting Algodonales en daarna de A-375 richting Sevilla. Onderweg bij de Dia supermarkt even inkopen doen. Links om Sevilla heen (de stad hebben we al eens eerder bezocht). De rondweg van Sevilla, de SE30, rijdt prima, niet te druk, gelukkig. Veder op de A-66 naar het noorden en in het stadje El Ronquillo staat zowaar een bordje camping! Na een twijfelachtige 6 km doemt er inderdaad een camping op. Het is er tamelijk verlaten. Een erg aftandse boel, geen winkel, maar we vinden wel een prachtig plekje, met vrij uitzicht. Weliswaar zonder elektriciteit, maar dat is voor een nachtje geen probleem. We staan er alsof we aan het vrij kamperen zijn. Helaas zijn de 'servicios' ook niet geheel operationeel: alleen de herenafdeling van het badhuis is open, en vaat wassen kan ook alleen daar, in de wastafels. Ach, er zijn toch maar zo'n 10 mensen op de hele camping. Wel is er een flink en mooi zwembad, met daarin alleen Sasjo, dus. We bbq-en en genieten van de rust en het uitzicht en slapen heerlijk.

 

2

Dinsdag 4 september
Tegen 12 uur vertrekken we richting Mérida. Goede weg, weinig verkeer, makkelijk te vinden als je van tevoren uitzoekt hoe je de stad in moet. We vinden een prima plek op de bewaakte stads- parking (speciale plekken voor campers, met stroomaansluiting), op loopafstand van de historische trekpleisters. We kopen een algemeen toegangskaartje, waarmee je alle historische highlights kunt bezoeken. Dat kaartje is echt zijn 15 euro waard! We bezoeken o.a. het Romeinse amfitheater (plaats voor 10.000 toeschouwers) en het Teatro Romano, met nog prachtige zuilengalerij en plaats voor 5000 bezoekers in vroeger tijden, en nu eigenlijk nog steeds, want het wordt nog steeds gebruikt. Ook lopen we over het terrein met de ruïnes van het Alcazaba, het vroegere Moorse fort en kasteel. Allemaal zeer het bekijken waard. Overal goede infoborden in het Spaans en Engels. Daarna houden we een kleine siësta in de camper en vroeg in de avond lopen we weer het centrum in om op het centrale plein op het terras van El Catedral te eten. Sasjo plukt een paar sinaasappels uit een boom op het plein. Wel eetbaar, maar niet lekker, erg bitter.

Woensdag 5 september
Na het ontbijt lopen we naar de ruïnes van het Circo Romano (hippodroom met ruimte voor 30.000 bezoekers, valt ook nog onder het passe-partout kaartje van gisteren). We lezen en bekijken alles. Het is indrukwekkend groot. Daarna lopen we naar de naastgelegen de ruïnes van de poort plus termen van San Lazaro. We plukken (en eten) rijpe vijgen, heerlijk zoet, en een bosje rozemarijn en lavendel, zo langs het wandelpad. Het Aquaducto de San Lazaro is indrukwekkend. Kort na het middaguur vertrekken we met de camper en rijden eerst naar het andere, kortere maar hogere aquaduct van Mérida, het Aquaducto de Milagros. Prachtig mooi. Vanaf daar hebben we meteen de goede weg noordwaarts de stad weer uit, richting Caceres en Plasencia, ons doel voor vandaag. Onderweg maken we een kleine omweg westelijk langs deembalses van de Taag, de Rio Tajo, met weidse vergezichten. In Plasencia shoppen we eerst even bij de Lidl en rijden dan naar camping El Chopera, aan de N-110, de weg langs de Rio Jerte. Heerlijke camping, rustig, grote bomen, goede faciliteiten, prima badhuis, heerlijke douches, groot zwembad. Stroom bij de camper, verlichting op het terrein, wel veel 'vaste' plekken van Spaanse families, compleet met kooktenten en bankstellen. Maar de meesten zijn er nu niet. Wel veel hondenbezitters. We brengen een rustige avond bij de camper door. Het is fris buiten, en ook 's nachts is het een beetje frisjes.

3

Donderdag 6 september
Dat frisse bleek ook wel te kloppen; donderdagochtend om 8 uur geeft dethermometer op mijn telefoon aan dat het
13 graden is! Om 11 uur vertrekken we richting Parke Nacional de Monfragüe, zuidelijk van Plasencia. Mooi natuur-
gebied, uitstekend informatiecentrum in het dorpje in het park, Villareal de San Carlos. Er zijn wandelingen van
verschillende lengte en zwaarte uitgezet. Je krijgt een kaart mee met de routes, waarop ook de flora en fauna staat, met plaatjes, in het Spaans en het Engels. We doen de 'groene' wandeling, van 7.7 km, langs een beboste helling klimmend en dalend naar een mooi uitkijkpunt, vanwaar uitzicht op de samenvloeiing van de Rio Tajo en de Rio Tiétar, met een grote adelaars- en gierenkolonie op de rots voor ons. Goed dat we de verrekijker bij ons hebben! De route terug voert ons langs een andere helling en langs een beek, terug naar het dorpje. Het biertje daar is erg welkom.
Met de camper rijden we de brug over, naar het punt vanwaar je de roofvogelkolonie van dichtbij kunt bewonderen, de Salto de los Gitanes. Er is parkeergelegenheid daar, en redelijk veel mensen die de vogels komen aanschouwen, bewonderen en fotograferen. Het is een aparte gewaarwording, zoveel grote roofvogels die oven je hoofd scheren en
rondzweven op de thermiek langs de steile rotswanden. We rijden door naar de parkeerplaats van de weg naar het Castillo. Sasjo maakt de klim van 1.5 km naar boven naar het kasteel, en schiet daar nog wat mooie plaatjes. Moe maar voldaan over een welbestede dag, met klimkilometers in de benen, rijden we terug naar de camping in Plasencia. We eten die avond in het campingrestaurant.

4

Vrijdag 7 september
Na wederom een vrij koele nacht (dat slaapt wel lekker) vertrekken we iets vroeger dan de dagen ervoor. We rijden
verder op de N-110 langs de Rio Jerte, richting Ávila. We komen over de pas genaamd de Puerto de Tornavacas. Die
vormt de grens tussen Extremadura en Castilla y Leon. Vanaf de pas heb je mooi uitzicht het dal van de Jerte in en opzij naar de bergtoppen. Iets verder richtingÁvila heb je naar rechts goed zicht op de bergtoppen en er ligt zelfs nog een beetje sneeuw op de helling van de hoogste, de Pastor, ruim 2100 m. De weg rijdt makkelijk en Ávila komt al rap in zicht. We rijden eerst even naar een grote supermarkt aan de zuidkant van de stad voor de nodige inkopen. Daarna volgen we de bordjes naar Palacio de Congresos, alwaar een grote parkeerplaats, naast het politiebureau, waar veel
toerbussen staan en een hele lading campers. Het is een gratis plek, dus geen servicios. Omdat je met zovelen bent en je naast het politiebureau staat, geeft de parkeerplaats toch geen onveilig gevoel. Het is ook pal naast de stadsmuur, en we gaan meteen op pad. Eerst lopen we buitenlangs rond de muur van de vesting naar de andere kant van de stad, schitterend. Alles is prima onderhouden, mooie vergezichten, goed te belopen. Vanaf de oostkant lopen we de stad in. Het is vrij druk, veel toeristen. Het blijkt dit weekend Fiesta de Ávila te zijn, waarbij ook de 'gewone' lokale Avilenen en vele bezoekers in (pseudo-)historische kledij rondlopen. Heel leuk allemaal, men heeft geprobeerd een middeleeuws sfeertje te creëren. Natuurlijk allemaal nep, maar toch erg mooi gedaan. Bij de stadspoort ligt een groep kamelen, ja echte, er lopen jonkvrouwen, ridders, werklieden van tot smid en bakker, mensen verkleed van kruisvaarder tot monnik, en binnen de muren is een aantal straten plus het centrale plein omgetoverd tot middeleeuwse markt, aangevuld met de onvermijdelijke bier-, sangría-, en pizzakramen. Maar je vindt er ook kramen met alle soorten kruiden en specerijen, een heel varken aan het spit, een edelsmid, hout- en leerbewerkers, een Arabische zouk met waterpijpen en theehuis, lantaarns, etc. Van die vlaggen en wapendoeken boven de straten; je waant je in een ander millennium, of in een Harry Potterfilm! Na van alle indrukken bekomen te zijn op een terrasje, lopen we eind van de middag weer even terug naar de camper voor een rustmomentje. Vroeg in de avond gaan we weer de stad in. Nog meer verklede mensen en een hartstikke leuk sfeertje. Wel heel druk nu. We zoeken een wat meer achterafstraatje op, even weg van de massa. Daar eten we heerlijk bij een restaurantje. 's Nachts dondert het flink, maar de volgende ochtend is alles weer droog.

5

Zaterdag 8 september
We doen eerst nog wat boodschapjes bij de supermarkt. We kopen zo ongeveer per dag in, en proberen ook koude dingen te kopen. Het enige minpuntje is namelijk dat de koelkast alleen goed werkt als hij op elektriciteit aangesloten is. Op de accu is de koeling onvoldoende. We rijden zuidwaarts via de N-502 richting de Sierra de Gredos. Er hangt een heel donkere lucht boven de bergen. Dat voorspelt niet veel goeds. Over de pas, de Puerta del Pico, is het niet veel beter. Het blijft donker en dreigend grijs. We slaan af naar Arenas de San Pedro en volgen dan een kronkelweggetje omhoog naar Guisando, alwaar de uitgezochte camping Los Galayos zich bevindt. Heel steil terrein, kleine, lastig toegankelijke plekken, moeilijk voor zo’n camper van bijna 7 meter! Met enige moeite parkeert Sasjo de camper dan toch op een mooie, redelijk vlakke plek. Alleen kan de klaptafel niet normaal uitgezet worden naast de camper, want dan kunnen we niet zitten. Maar voor elk probleem is een oplossing, dan hangen we de tafel gewoon half over het stenen muurtje! Naast de vele (huur)chalets hier ook veel alternatief volk met kleine tentjes: klimmers, trekkers, met haren en baarden langer dan die van Sinterklaas. Het weer klaart op en we maken vanaf de camping een wandeling heuvelop naar een heel grote notenboom. De route loopt nog veel verder omhoog, maar mijn knietjes vinden het wel goed zo! We kletsen die avond gezellig met de Zuid-Afrikaans/Engelse achterbuurman, die daar staat met zijn Spaanse vriendin en hun baby. Hij heeft in het dorp een olijfboomgaard gekocht en is bezig daar een plek te prepareren waar hij met zijn caravan kan staan, om er vervolgens een huis te gaan bouwen. We gaan vroeg slapen. Het is koud die nacht en er barst een fiks onweer los, met keiharde regen. We slapen met de ramen dicht.

6

Zondag 9 september
Tegen 9 uur in ochtend gaat Sasjo nog een keer wandelen, in lange broek en trui, want het is nog steeds koud, en ik kruip er nog een uurtje in. Met het middaguur stroomt de camping leeg: de Spaanse kinderen moeten morgen weer naar school. Wij vertrekken vroeg in de middag, rijden verder zuidwaarts op de N-502 richting Talavera de la Reina, en daarna op de A5 en vervolgens de A-40 naar Toledo. Toledo heeft een camping, maar wij opteren voor de ruime parkeerplaats waar camperaars die blijven overnachten, gedoogd worden. Lekker centraal, pal naast de grote brug over de Rio Tajo, de Puente de Alcantara, die je meteen in de stad brengt. Vanaf die kant van de stad kan je met grote roltrappen omhoog het centrum in. De stad ligt prachtig ten opzichte van de omgeving en je hebt rondom uitzicht. Er zijn veel toeristen, met name Aziaten, busladingen vol. Het is natuurlijk ook zondag, dus relatief ook druk met Spanjaarden. We dwalen eindeloos door de smalle straatjes, genieten van het sfeertje, en eten uiteindelijk vlak bij het beeld van schrijver Cervantes, pal naast de Calle de Cervantes.

7

Maandag 10 september
Eerst weer de stad in. We dwalen lekker rond, en bezoeken een kerkje dat eigenlijk een synagoge was. Prachtig verstild witgrijs interieur. Helaas is een aantal musea dicht op maandag, dus lopen we veel rond en bekijken en allerlei 'buitendingen', zoals ruïnes van Arabische baden en we lopen een voetgangerspad langs het water. Vroeg in de middag vertrekken we van de parking, richting Consuegra, via de CM-42. Het stadje zelf bekijken we niet, alleen bezoeken we er de supermarkt. Het doel is de naastgelegen heuvelrug met daarop een tiental oude windmolens zoals uit Don Quichote, en de resten van een kasteel. We kunnen met de camper gewoon omhoog rijden tot vlak bij de molens. Een paar busladingen toeristen lopen er ook, maar dat valt amper op in het landschap. Erg leuk om boven op de heuvelrug langs de molens te lopen. We blijven er best lang, en picknicken ook aan de voet van een molen. We vervolgen onze route zuidwaarts door Castilla-La Mancha via de A-4 naar Manzanares en Valepeñas, alsmaar verder naar het zuiden, tot we bij het Parque Natural Desfiladero de Despeñaperros weer Andalucia inrijden. We slaan af bij
Santa Elena, alwaar camping Despeñaperros ons doel is voor deze nacht. Het blijkt een vrijwel uitgestorven, stille camping te zijn, met een wat knorrige baas. We hebben wel een fijne plek, vlak bij het badhuis. Dat badhuis blijkt ook wel een beetje vergane glorie te zijn, maar ach, het is schoon en het water is warm. Het slaapt er goed, heel rustig.

8

Dinsdag 11 september
We doen een wandeling in de buurt. We verlaten de camping en rijden de camper naar naburig gehucht Miranda
del Rey. Daar starten we een wandeling de heuvels in. De route loopt langs een beek, de Arroyo del Hornillo, omhoog
naar een bergwand. Boven lopen we een stuk langs de bergrug, vanwaar we heel ver kunnen kijken, volgens Sasjo
zien we zelfs de contouren van de Sierra Nevada aan de horizon. Via een ander pad lopen we weer naar beneden, moe
maar voldaan. We vervolgens onze route via de A-4, langs Bailén, en Andujar, om te eindigen in Córdoba. Córdoba heeft wel een camping, maar we besluiten ook hier de parking naast het centrum te proberen. Na enig draaien en rondjes rijden vinden we de camperingang van die parking. Rustig, perfecte ligging. Geen stroom, helaas.
Wel lekker onder een eucalyptusboom. Er staat nog een handvol campers. We lopen meteen de stad in, dwalen wat
door de steegjes met witgele huizen en vinden al rap het plein waar de tourist information zich bevindt. We gaan
meteen door naar de Mesquita- Kathedraal. Ook al hebben we die tijdens een eerdere reis ook al eensbezocht, staat hij weer op de to-do-list.Het blijft een magische plek. Betoveren qua vormen, lijnen, licht en donker, afmetingen, de overgangen vanmoskeegedeelte naar kathedraal en weer terug... Ik blijf maar foto’s maken...
Na een verdere wandeling langs de oude brug en een drankje, gaan we een poosje rusten in de camper en 's avonds
lopen we terug de oude stad in voor een hapje in de Judería, de gezellige Joodse wijk. Slapen valt die nacht niet mee.
Omdat we op een onbewaakte camperplaats staan, laten we de ramen dicht en hebben we alleen de dakluiken open. Het blijft stikkend warm. Córdoba doet zijn bijnaam - la cazuela, de braadpan - eer aan.

9

Woensdag 12 september We vertrekken uit Córdoba en rijden naar Granada via de N-weg. We willen niet de stad in en niet naar het Alhambra (ook al eerder gedaan), maar juist de bergen in. Op de rondweg bij de stad staat de route
naar de Sierra Nevada al aangegeven. We hebben camping Los Lomas uitgezocht, in Güéjar Sierra, oostelijk
van de stad, een stukje de bergen in. De camping staat al aangegeven vanaf Cenes, het stadje net buiten Granada. We vinden het vlot, en genieten van de prachtige ligging, met spectaculair uitzicht. Het is er rustig,
mooie plekken, supergoed sanitair. Keurig onderhouden camping. Receptie en campingwinkel de hele dag open, mooi zwembad erbij. Bij de receptie krijgen we een overzicht van de bustijden van de bus van en naar Granada, die pal voor de camping een halte heeft, en een kaartje met een aantalsenderos, wandelingen, die vanaf de camping te lopen zijn. Er staan vooral Engelse, Duitse en Nederlandse gasten en een enkele Spanjaard en Fransman. Deze tijd van het jaar vooral trekkers uiteraard. We genieten van het mooie uitzicht en maken een praatje met de Amsterdammers naast ons, die aan een tocht van 6 weken door Spanje bezig zijn met hun camper met daarachter een aanhanger met daarop een fikse motorfiets.

Donderdag 13 september
We maken een mooie wandeling vanaf de camping. Eerst het stadje in, alwaar een kunstinstallatie een simpele versie van de tuin van het Alhambra oproept. Het stadje zelf heeft een eeuwenlange Moorse historie. We lopen een deel van de 'roze' route, die naar beneden voert naar de oever van het stuwmeer en de toeleverende rivier. We lopen ook een stuk omhoog, aan de andere kant van de brug, maar het stijgingspercentage van 22% doet mij al snel besluiten dat ik zo niet verder kan en we keren om. We gaan over op de 'bruine' route, die langs de rivier blijft gaan en tamelijk vlak is. (Het steile stuk was trouwens deel van een etappe in de Vuelta een paar jaar geleden, zo lezen we op een bord langs de kant van de weg.) De 'bruine' route blijkt verrassend leuk. Het is een deel van het oude tramlijntje dat begonnen werd in 1925 en in gebruik is geweest tot uiteindelijk 1974, tussen Granada en het berggebied boven Güéjar, over een afstand van ongeveer 20 km. De tram reed met een snelheid van 10 km per uur. Informatieborden, alleen in het Spaans trouwens, met fotomateriaal en andere info, vertellen van alles over de oude lijn, die rijkere Granadezen in de zomer naar de koelere bergen bracht en ze in de winter vervoerde naar de besneeuwde hellingen, voor een beetje ski-plezier. Er ligt nog een stukje rails, en je loopt ook door een van de trein-tunneltjes. Aan het eind van het de wandeling ligt het oude stationnetje van Maitena, alwaar het goed toeven is op het terras. De terugweg doen we via dezelfde route, en
met een rijke oogst aan bramen, granaatappels, druiven en vijgen, zomaar langs de weg te plukken, arriveren we op de camping. In de middag rijden we met de camper eerst terug naar Cenes, om vanaf daar de A-395 omhoog te rijden voor hopelijk een blik op de Pico Valeta, de top van de Sierra Nevada. Helaas wordt het zicht alsmaar slechter, en boven gekomen blijkt de top in de wolken en mist te zitten. Jammer dan. Toch een mooi tochtje. Op de terugweg naar beneden stoppen we even bij het infocentrum El Dornajo. Het is dicht, er is verder niemand. Wel treffen we daar een van de oude wagonnetjes aan van de voornoemde tramlijn. Heel leuk, je kan er ook gewoon in, en alles tot in detail bekijken. Houten vloer en bankjes, AEG machinerie, alles nog in keurige staat. In de vallei is het weer lekker weer en we genieten van nog een mooie, maar toch vrij

koele avond op camping Las Lomas. We borrelen bij onze Amsterdamse camperburen en wisselen ervaringen uit.

Vrijdag 14 september
Einddoel voor vandaag is Antequera, maar we rijden met een omweg, via de kust. Dus eerst vanaf Granada richting Motril en vanaf daar de kust langs, naar Nerja. Onderweg zien we een boer met een ossenkar op straat. In Nerja maken we een stop en begeven ons naar het zogeheten Balcon de Europa. Het is helaas niet helder, en onderweg merken we al dat de horizon niet eens te onderscheiden is. De zee gaat onmerkbaar over in lucht, beide even grijs. Op het voornoemde Balcon heb je bij mooi weer een prachtig uitzicht, nu valt het tegen. De zee onder ons is wel helder, en er zijn veel toeristen om het allemaal te aanschouwen, vooral veel Engelsen. Nerja is supertoeristisch. Al rap vertrekken we weer, richting Malaga, om via de oostkant van Malaga naar het noorden te rijden, naar Antequera. Na enig zoekwerk vinden we bij Antequera de route naar natuurgebied El Torcal, dat

11

ongeveer 15 km onder Antequera ligt.We rijden omhoog, de wolken tegemoet. Enig oponthoud onderweg, omdat de
auto’s steeds maar in kleine groepjes door mogen rijden. Blijkt dat men er filmopnames aan het maken is, met een
groep skateboarders met helmen op, en een complete filmcrew. Boven aangekomen vergapen we ons aan het
bizarre rotslandschap. Een karstgebied, dat miljoenen jaren geleden gevormd istoen dit nog zeebodem was, omhoog
gedrukt is, en nu door erosie op de vreemdste manieren uitgesleten is. Het lijkt wel het decor voor een scene uit een
western, of alsof we weer in een Harry Potterfilm zitten. We parkeren op de parkeerplaats met infocentrum en
restaurant, en lopen een van de wandelpaden door het bizarre landschap, met flarden mist en laaghangende wolken
die tussen de rotsen hangen. Spooky! We zien steenbokken op de rotshoogtes die ons beloeren zoals wij ook naar hen
kijken. Net als we bijna aan het eind van onze wandeling zijn, begint het licht te regenen. We zoeken gauw de camper op, eten ons broodje en rijden terug de berg af naar Antequera, om de camperparking te zoeken. Dat valt niet mee. Een paar keer vragen, een rondje door het stadje, op een parkeerplaats wachten omdat het keihard gaat regenen en ook onweert. Dan maar lopend gaan zoeken en vragen. We bekijken terloops ook nog even de mooie arena en jawel, heel dichtbij eigenlijk zijn de camperplaatsen, naast het stadion, vlak bij het politiebureau. Gauw de camper er heen gereden. Het is ondertussen weer droog en het avondleven komt op gang in de stad. We lopen het gezellige centrum in en belanden uiteindelijk in een uitstekend restaurant. Moe maar voldaan lopen we later terug naar de camper en we slapen heerlijk.

Zaterdag 15 september
Onze laatste echte camperdag. We doen nog even wat inkopen bij de plaatselijke Lidl, en rijden via de A-384 richting Campillos. Onderweg stoppen we voor een koffie bij een parkeerplaats bij laguna Dulce, en die blijkt een kolonie flamingo's te herbergen, die vanuit een soort schuilhut bekeken kunnen worden. Het zijn er honderden, maar ze zijn net te ver weg om met de telefoon te kunnen fotograferen. We slaan af en nemen de A-357 naar Ardales, aan het complex van stuwmeren in het Guadalhorce gebied. Om 11 uur bereiken we camping Parque Ardales al, maar we mogen er pas vanaf 12 uur op. Dus eerst maar lekker rondwandelen over het uitgestrekte terrein, met heel veel picknicktafels en plaatsen voor kleine tentjes, en een aantal plekken voor campers en caravans. Er zijn weinig campinggasten. Om 12 uur rijden we het terrein op en parkeren dicht bij de ingang. We besluiten te lopen naar de ingang van de beroemde Caminito del Rey, het koningspaadje, een prachtig aangelegd, spectaculair pad

12

langs steile hellingen in de kloof van de Guadalhorce. De wandeling erheen is ook al mooi. Wel frisjes, het trekt weer dicht in de lucht. Helaas, er zijn geen tickets meer te verkrijgen voor de Caminito die dag. Veel mensen bestellen de kaartjes lang vooruit online, en per dag worden ernog zo’n 50 tickets bij de kiosk verkocht, maar die zijn meestal voor 9 uur 's ochtends al uitverkocht. Er worden busladingen mensen aangevoerd. Morgenochtend gaat dit niet meer lukken, omdat we dan rond het middaguur de camper moeten inleveren. Ach, niet getreurd, we hebben genoeg moois gezien. Terug op de camping warmen we ons met een glaasje wijn en een lekkere douche en maken een praatje met de camperburen. Amerikanen deze keer, uit Californië, die vanuit Barcelona een tripje door zuid Spanje aan het maken zijn. We geven ze nog wat tips voor mooie stops, en begeven ons naar de bar naast de campingingang, waar de wifi werkt. Die avond eten we weer op de

camping. We pakken al in wat we niet meer nodig gaan hebben, rollen de luifel vast in, en slapen voor de laatste keer in de camper. Die nacht valt er nog een flinke bui, dus we zijn blij dat die luifel al ingerold is.

Zondag 16 september
Het wordt pas laat licht, omdat het nu al half september is, we tussen twee berghellingen staan en het nog bewolkt
is. Die wolken trekken al snel weg en we ruimen de camper helemaal op, pakken onze koffertjes weer in, maken en nuttigen het laatste ontbijtje. Alles schoon en leeg, alles op zijn plek, en we kunnen vertrekken. We sturen Karin alvast een appje zodat ze weet hoe laat ze ons ongeveer kan verwachten. We rijden de A-357 naar het zuiden, dan de A-404 richting Alhaurin de la Torre. Nog even de tank afvullen bij de pomp bij de Lidl en we kunnen naar Karin. Uiteindelijk zitten we tevreden met haar aan tafel. Ze heeft alle tijd en aandacht voor ons en wil precies weten waar we allemaal geweest zijn, welke campings en camperplaatsen goed en minder goed bevallen zijn, welke aspecten van de camper zelf goed en minder goed waren, of we nog suggesties hebben, etc.
Dit was een plezierige afronding van de reis. Ruim op tijd rijdt Karin ons weer naar het vliegveld, en met de vlucht naar Nederland zit ons eerste camperavontuur er op.

De Tarifa heeft zich prima gehouden gedurende de 2050 km van onze trip van 14 dagen. Dat betekent dat we gemiddeld zo'n 150 km per dag hebben gereden. Dat was goed te doen. We hebben 5 nachten op camperplaatsen geslapen en 9 nachten op campings (5x een nacht en 2x twee nachten op dezelfde camping). Al met al

was het een geweldige ervaring, zeker voor herhaling vatbaar. We hebben een onvergetelijke reis gemaakt en de honderden foto's bevestigen dat!

13

Please reload

Uitgelichte berichten

Go Spain! Camper reistips van Karin en Wilbert

13 Aug 2017

1/2
Please reload

Recente berichten
Please reload

Archief